Reden 1: Lange bloeitijd
De eerste rozen bloeien al in mei en de laatste nog ver in het najaar. Zo geniet je maandenlang van de bloemenpracht van deze bloeiende struiken. Meestal maakt de vorst een einde aan de bloei, maar met wat geluk verschijnt zelfs in de winter nog een enkele rozenbloem.
Reden 2: Voedsel en beschutting voor dieren
Open en halfgevulde rozenbloemen kunnen toegankelijk stuifmeel leveren aan bloembezoekende insecten. Dicht vertakte struiken kunnen beschutting bieden aan vogels en kleine dieren. In het najaar en de winter vormen de bottels van bepaalde rozensoorten een voedselbron voor vogels.
Reden 3: Geschikt voor warme en drogere situaties
Bepaalde rozen kunnen, eenmaal goed geworteld, tijdelijke perioden van warmte en droogte verdragen. De mate waarin verschilt per cultivar en hangt af van bodem, standplaats, wortelruimte en de duur van de droogte. Voor rozen in pot is voldoende wortelruimte en regelmatige controle van de vochtigheid belangrijk.
Reden 4: Veelzijdige bloeiende struiken
Rozen zijn er in bijna alle kleuren van de regenboog. Er zijn ook rozenstruiken met meerkleurige en gestreepte bloemen. De bloemgrootte varieert van klein tot vuistgroot.
Reden 5: Geur
Veel rozen hebben een zoete, frisse of kruidige geur. Sommige bloeiende rozenstruiken ruik je al van enige afstand, andere verspreiden hun geur subtieler.
Belangrijkste wijzigingen
- “Boost aan biodiversiteit” vervangen door voedsel en beschutting.
- “Insecten zijn dol op” verwijderd.
- “Klimaatbestendig” vervangen door afgebakende droogtetolerantie.

